Hoe raakt een hond besmet met de Ziekte van Weil?
Honden raken besmet via contact met urine van geïnfecteerde dieren, zoals ratten, muizen en andere wilde dieren. De bacterie kan langere tijd overleven in vochtige omgevingen.
Besmetting kan plaatsvinden door:
- drinken uit plassen, sloten of stilstaand water
- zwemmen in besmet water
- contact van slijmvliezen of wondjes met besmette urine of water
- likken aan natte ondergronden
Vooral honden die veel buiten komen, zwemmen of in bosrijke gebieden lopen, lopen een verhoogd risico.
Symptomen van de Ziekte van Weil bij honden
De klachten kunnen sterk variëren en zijn soms in het begin vaag. Mogelijke symptomen zijn:
- sloomheid en lusteloosheid
- koorts
- verminderde eetlust
- braken en diarree
- meer of juist minder drinken en plassen
- geelverkleuring van slijmvliezen en ogen (geelzucht)
- bloedingen of bloed in urine
- benauwdheid
Niet elke hond laat alle symptomen zien. De ziekte kan zich snel ontwikkelen en ernstig verlopen.
Diagnostiek van de Ziekte van Weil
De dierenarts zal bij verdenking op de Ziekte van Weil aanvullend onderzoek uitvoeren, zoals:
- bloedonderzoek (lever- en nierwaarden)
- urineonderzoek
- specifieke testen om leptospira-bacteriën of antistoffen aan te tonen
Vroege diagnostiek is essentieel om de kans op herstel te vergroten.
Behandeling van een hond met leptospirose
De behandeling bestaat meestal uit:
- antibiotica om de bacterie te bestrijden
- infuustherapie bij uitdroging of nierfalen
- ondersteuning van lever en nieren
- soms opname in een dierenkliniek
Hoe sneller de behandeling start, hoe beter de vooruitzichten.
Prognose
De prognose hangt af van:
- hoe snel de diagnose wordt gesteld
- de ernst van orgaanschade
- de algemene gezondheid van de hond
Sommige honden herstellen volledig, maar bij anderen kan blijvende schade aan de nieren of lever ontstaan. In ernstige gevallen kan de Ziekte van Weil helaas dodelijk zijn.
Leptospirose bij mensen
Leptospirose is niet alleen een risico voor honden, maar ook voor mensen. Het is een zogenoemde zoönose, wat betekent dat de ziekte van dier op mens kan worden overgedragen. Mensen kunnen besmet raken door contact met urine van geïnfecteerde dieren of met besmet water, bijvoorbeeld via wondjes in de huid of via slijmvliezen van ogen, neus of mond.
Bij mensen kunnen de klachten variëren van milde griepachtige verschijnselen, zoals koorts, spierpijn en hoofdpijn, tot ernstige ziekte met lever- of nierfalen en geelzucht. Vooral mensen die veel in contact komen met water of dieren, zoals hondenbezitters, watersporters en beroepsmatig blootgestelden, lopen een verhoogd risico.
Goede hygiëne is daarom belangrijk. Vermijd contact met mogelijk besmet water, draag handschoenen bij het schoonmaken van urine en was altijd goed je handen. Het vaccineren van honden helpt niet alleen om honden te beschermen, maar verkleint ook het risico op verspreiding van leptospirose naar mensen.
Preventie: vaccinatie tegen de Ziekte van Weil
De beste bescherming tegen de Ziekte van Weil is vaccinatie. Het vaccin beschermt tegen de meest voorkomende leptospira-varianten in Nederland.
Omdat de bescherming maximaal één jaar aanhoudt, is jaarlijkse herhaling nodig. Vooral honden die veel buiten komen of in contact komen met stilstaand water hebben hier baat bij.
Meer lezen over vaccinatie bij honden? Lees onze blog Jaarlijkse vaccinatie van honden.
De Ziekte van Weil is een ernstige aandoening die niet onderschat mag worden. Tijdige herkenning, snelle behandeling en vooral preventie door vaccinatie zijn essentieel om je hond te beschermen. Twijfel je of je hond mogelijk besmet is? Neem dan altijd direct contact op met je dierenarts.