Service
Winkelwagen
Menu
5% korting op alle hondenjassen met code HONDENJAS! Lees meer

Incontinentie bij honden

Geschreven door Mara |

Je hond verliest urine tijdens het slapen, laat natte plekjes achter in de mand of druppelt ongemerkt urine tijdens het lopen. Dit kunnen tekenen zijn van urine-incontinentie. Vooral bij gesteriliseerde teven komt incontinentie regelmatig voor, maar ook reuen en jonge honden kunnen ermee te maken krijgen. Wat zijn de oorzaken van incontinentie bij honden? Waarom ontstaat urineverlies soms na een sterilisatie? En welke behandelingen en ondersteunende supplementen zijn er beschikbaar? In deze blog leggen we het uit.

Westy in het bos

Wat is incontinentie bij honden?

Bij urine-incontinentie verliest een hond ongewild urine. De hond heeft hier meestal geen controle over en merkt soms niet eens dat er urine weglekt.

Een typisch voorbeeld is een hond die tijdens het slapen of ontspannen een natte plek achterlaat. Ook kan de hond kleine beetjes urine verliezen tijdens het lopen of opstaan.

Het is belangrijk om incontinentie te onderscheiden van onzindelijkheid. Een hond die bewust in huis plast, heeft niet automatisch last van incontinentie. Ook vaker moeten plassen door een blaasontsteking of een andere aandoening is niet hetzelfde als onbewust urineverlies.

Relevante producten

Hoe herken je incontinentie bij je hond?

Een hond met incontinentie kan regelmatig natte plekken achterlaten op de slaapplek. Soms zie je dat er druppeltjes urine uit de plasbuis komen terwijl de hond loopt of ligt.

Ook kan de vacht rond de geslachtsdelen voortdurend vochtig zijn. Door het contact met urine kan de huid geïrriteerd raken, waardoor roodheid, een onaangename geur of overmatig likken ontstaat.

Veel honden met een verminderde sluitspierfunctie kunnen tijdens het uitlaten gewoon normaal plassen. Het urineverlies treedt vooral op wanneer ze ontspannen zijn.

Wat zijn de oorzaken van incontinentie bij honden?

Urine-incontinentie kan verschillende oorzaken hebben. Daarom is het belangrijk om eerst vast te stellen waarom een hond urine verliest.

Verminderde werking van de sluitspier

Een veelvoorkomende oorzaak is een verminderde werking van de sluitspier van de plasbuis. Deze sluitspier zorgt ervoor dat urine in de blaas blijft totdat de hond gaat plassen.

Wanneer de sluitspier onvoldoende afsluit, kan urine ongewild weglekken. Dit wordt ook wel urethrale sfinctermechanisme-incompetentie genoemd.

Deze vorm van incontinentie komt vooral voor bij gesteriliseerde teven, maar kan ook bij andere honden ontstaan.

Blaasontsteking of andere urinewegproblemen

Een blaasontsteking kan ervoor zorgen dat een hond plotseling vaker kleine beetjes plast, aandrang heeft of ongelukjes in huis krijgt. Dit wordt soms verward met incontinentie.

Ook blaasstenen, afwijkingen aan de urinewegen of andere blaasproblemen kunnen het normale plassen verstoren.

Aangeboren afwijkingen

Bij jonge honden die al vanaf de puppyleeftijd urine verliezen, kan sprake zijn van een aangeboren afwijking.

Een voorbeeld is een ectopische ureter. Hierbij mondt een urineleider niet op de normale plaats in de blaas uit, waardoor urine langs het gebruikelijke afsluitmechanisme kan lekken.

Deze aandoening wordt relatief vaak gezien bij jonge teven.

Neurologische problemen

De zenuwen die de blaas en de sluitspier aansturen, spelen een belangrijke rol bij het ophouden en uitplassen van urine.

Beschadiging van deze zenuwen, bijvoorbeeld door een ruggenmergaandoening of letsel, kan leiden tot incontinentie of problemen met het volledig leegplassen van de blaas.

Ouderdom en andere aandoeningen

Bij oudere honden kunnen veranderingen in de spierfunctie, mobiliteit en gezondheid bijdragen aan plasproblemen. Ouderdom op zichzelf is echter geen diagnose.

Aandoeningen zoals nierziekte, diabetes mellitus en de ziekte van Cushing kunnen ervoor zorgen dat een hond veel meer urine produceert. Daardoor kan de hond het minder lang ophouden. Dit is niet altijd echte incontinentie, maar kan er wel op lijken of bestaande incontinentie verergeren.

Ook cognitieve achteruitgang kan bij oudere honden leiden tot onzindelijkheid.

Incontinentie na sterilisatie bij de hond

Een bekende vorm van incontinentie is urineverlies bij teven na sterilisatie.

Bij een sterilisatie worden de eierstokken verwijderd, waardoor de productie van bepaalde geslachtshormonen sterk verandert. Deze hormonale veranderingen kunnen invloed hebben op het afsluitmechanisme van de plasbuis.

Na de operatie daalt onder andere de hoeveelheid oestrogenen. Tegelijkertijd veranderen ook andere hormoonspiegels, zoals die van LH en FSH. Daarnaast spelen veranderingen in de gevoeligheid van de sluitspier, het bindweefsel en de anatomie waarschijnlijk een rol.

Incontinentie na sterilisatie ontstaat dus niet uitsluitend door een tekort aan oestrogenen. Het is een aandoening waarbij meerdere factoren bijdragen aan een verminderde afsluiting van de plasbuis.

Het urineverlies kan kort na de sterilisatie beginnen, maar ook pas maanden of jaren later ontstaan.

Welke honden hebben meer kans op incontinentie na sterilisatie?

Incontinentie na sterilisatie wordt relatief vaak gezien bij middelgrote en grote teven. Onder andere boxers, dobermanns, rottweilers en bepaalde andere grotere hondenrassen hebben een verhoogd risico.

Ook een hoger lichaamsgewicht kan een rol spelen.

Dat betekent niet dat iedere gesteriliseerde teef incontinent wordt. De meeste honden ontwikkelen na sterilisatie geen urine-incontinentie.

Hoe wordt incontinentie bij honden vastgesteld?

Wanneer je hond ongewild urine verliest, is het verstandig om een dierenarts te raadplegen.

De dierenarts zal vragen wanneer het urineverlies optreedt, hoeveel urine de hond verliest en of er andere klachten zijn, zoals meer drinken, vaker plassen of moeite met urineren.

Een urineonderzoek kan helpen om een blaasontsteking of andere urinewegproblemen op te sporen. Soms is aanvullend bloedonderzoek nodig. Bij verdenking op een anatomische afwijking, blaasstenen of een andere onderliggende aandoening kan beeldvormend onderzoek, zoals een echo, zinvol zijn.

Pas wanneer de oorzaak duidelijk is, kan een passende behandeling worden gekozen.

Hoe wordt incontinentie bij honden behandeld?

De behandeling hangt af van de oorzaak van het urineverlies.

Bij een blaasontsteking wordt de onderliggende ontsteking behandeld. Bij een aangeboren afwijking kan soms een ingreep nodig zijn. Wanneer de sluitspier van de plasbuis onvoldoende functioneert, zijn er verschillende medicijnen beschikbaar.

Propalin

Propalin bevat de werkzame stof fenylpropanolamine. Deze stof stimuleert bepaalde receptoren in de sluitspier van de plasbuis, waardoor de afsluitdruk toeneemt en ongewild urineverlies kan verminderen.

Propalin wordt vooral toegepast bij incontinentie door een verminderde sluitspierfunctie bij teven. Het middel is uitsluitend verkrijgbaar op voorschrift van een dierenarts. Omdat fenylpropanolamine onder andere invloed kan hebben op de bloeddruk en hartfunctie, beoordeelt de dierenarts of het geschikt is voor de hond.

Enurace

Enurace bevat efedrine. Ook deze stof kan de spanning van de sluitspier van de plasbuis verhogen.

Enurace wordt gebruikt bij urine-incontinentie door een verminderde sluitspierfunctie bij teven na sterilisatie. Efedrine kan onder andere invloed hebben op de hartslag, bloeddruk en het zenuwstelsel. Daarom is het belangrijk dat de dierenarts de gezondheid van de hond beoordeelt en de behandeling begeleidt.

Incurin

Incurin bevat oestriol, een oestrogeen.

Dit medicijn wordt gebruikt bij hormoonafhankelijke urine-incontinentie door een verminderde sluitspierfunctie bij gesteriliseerde teven. Oestriol beïnvloedt de gevoeligheid en werking van het afsluitmechanisme van de plasbuis, waardoor het urineverlies kan verminderen. Ook Incurin is een diergeneesmiddel op voorschrift. De dierenarts bepaalt de juiste dosering en beoordeelt eventuele bijwerkingen.

Wat als medicijnen onvoldoende helpen?

Wanneer medicijnen onvoldoende effect hebben op de incontinentie, zijn er verschillende operatieve behandelingen mogelijk om het urineverlies te verminderen. Welke ingreep het meest geschikt is, hangt af van de oorzaak van de incontinentie en de situatie van de hond.

  • Depotinjecties in de plasbuis: Tijdens een kijkonderzoek van de plasbuis (urethroscopie) wordt op verschillende plaatsen een elastisch materiaal onder het slijmvlies geïnjecteerd. Hierdoor wordt de doorgang van de plasbuis nauwer, waardoor een minder goed werkende sluitspier de urine gemakkelijker kan tegenhouden.
  • Colposuspensie: Bij deze operatie wordt de vagina naar voren getrokken en aan de buikwand vastgezet. Hierdoor verandert de ligging van de blaashals en de plasbuis, waardoor de afsluiting van de plasbuis kan verbeteren. Bij reuen bestaat een vergelijkbare operatie, de vasopexie, waarbij de zaadleiders aan de buikwand worden vastgezet. Deze ingrepen kunnen via een gewone buikoperatie of een kijkoperatie worden uitgevoerd.
  • Kunstmatige sluitspier: Bij deze behandeling wordt operatief een opblaasbare siliconen manchet rond de plasbuis geplaatst. Na een herstelperiode van ongeveer zes weken wordt de manchet geleidelijk gevuld met een fysiologische zoutoplossing. Zo wordt de druk op de plasbuis stapsgewijs verhoogd, met als doel het urineverlies te verminderen zonder het normaal uitplassen te belemmeren.

Deze behandelingen worden uitgevoerd door gespecialiseerde dierenartsen. Niet iedere ingreep is geschikt voor iedere hond en een volledig herstel van de continentie kan niet worden gegarandeerd. De dierenarts kan beoordelen welke mogelijkheden er zijn wanneer medicatie onvoldoende helpt.

Kunnen supplementen helpen bij incontinentie bij honden?

Naast medicijnen zijn er supplementen verkrijgbaar die bedoeld zijn ter ondersteuning van de blaasfunctie of hormonale balans.

Het is belangrijk om te weten dat de werkzaamheid van supplementen bij echte sluitspierincontinentie veel minder goed wetenschappelijk is onderzocht dan die van geregistreerde diergeneesmiddelen. Supplementen kunnen daarom hooguit een aanvullende rol spelen. Ze vervangen geen onderzoek of noodzakelijke behandeling door de dierenarts.

Sensipharm Inconti Stop Hond

Sensipharm Inconti Stop Hond is een aanvullend diervoeder met een combinatie van kruidenextracten en plantaardige ingrediënten. Het product is ontwikkeld ter ondersteuning van de blaasfunctie bij honden. De samenstelling bevat onder andere cuscuta, dioscorea, rubus en cornus.

Bespreek het gebruik met de dierenarts, vooral wanneer je hond ook medicijnen krijgt of andere gezondheidsproblemen heeft.

Nutrilabs Östrofer en fyto-oestrogenen

Nutrilabs Östrofer is een aanvullend diervoeder dat is ontwikkeld ter ondersteuning van de hormoonhuishouding van teven. Het bevat onder andere rode klaver en sojabonen. Deze planten bevatten van nature stoffen die bekendstaan als fyto-oestrogenen. Fyto-oestrogenen zijn plantaardige stoffen die in het lichaam een wisselwerking kunnen aangaan met oestrogeenreceptoren. Hun werking is echter niet hetzelfde als die van het lichaamseigen hormoon oestrogeen of het geneesmiddel oestriol.

Omdat hormonale veranderingen een rol kunnen spelen bij incontinentie na sterilisatie, worden fyto-oestrogenen soms toegepast in ondersteunende supplementen voor teven.

Er is echter onvoldoende goed klinisch onderzoek bij honden om te concluderen dat fyto-oestrogenen incontinentie na sterilisatie effectief behandelen. Ook is niet aangetoond dat Nutrilabs Östrofer dezelfde werking heeft als Incurin. Overleg daarom met de dierenarts voordat je een supplement met fyto-oestrogenen geeft, zeker wanneer je hond al hormonale medicatie gebruikt.

Wat kun je zelf doen bij een incontinente hond?

Naast een eventuele behandeling kun je je hond thuis helpen om comfortabel en schoon te blijven.

Laat je hond regelmatig uit, zodat de blaas niet onnodig lang gevuld blijft. Vooral een extra plasronde voor het slapengaan kan prettig zijn. Zorg daarnaast voor een goed reinigbare slaapplek. Een waterdichte beschermlaag of wasbaar incontinentiekleed kan helpen om de mand schoon en droog te houden.

Wanneer de vacht rond de geslachtsdelen nat wordt, kun je deze voorzichtig reinigen en goed drogen om huidirritatie te voorkomen.

Bij sommige honden kan tijdelijk een hondenluier of incontinentiebroekje uitkomst bieden. Verschoon dit regelmatig om huidproblemen te voorkomen.

Beperk de hoeveelheid drinkwater niet om urineverlies tegen te gaan. Een hond moet altijd voldoende vers drinkwater beschikbaar hebben. Ook is het belangrijk om je hond niet te straffen voor urineverlies. Bij echte incontinentie heeft de hond hier geen controle over.

Wanneer moet je met een incontinente hond naar de dierenarts?

Laat je hond onderzoeken wanneer hij regelmatig onbewust urine verliest, plotseling onzindelijk wordt of duidelijk vaker moet plassen.

Ook bij bloed in de urine, pijn bij het plassen, veel drinken of veranderingen in het gedrag is een dierenartsbezoek belangrijk.

Kan je hond niet plassen of perst hij herhaaldelijk zonder dat er urine komt? Neem dan direct contact op met een dierenarts. Een verstopping van de urinewegen kan levensbedreigend zijn.

Heb je nog vragen over incontinentie bij honden? Neem dan contact op via dierenarts@medpets.nl.

Veelgestelde vragen over incontinentie bij honden

Hoe herken je incontinentie bij een hond?

Een hond met incontinentie verliest onbewust urine. Je merkt dit bijvoorbeeld doordat je hond natte plekken achterlaat in de mand, urine druppelt tijdens het lopen of een vochtige vacht rond de geslachtsdelen heeft. Het urineverlies treedt vaak op tijdens het slapen of ontspannen. Omdat ook blaasontsteking en andere aandoeningen plasproblemen kunnen veroorzaken, is onderzoek door een dierenarts belangrijk.

Waarom kan een hond incontinent worden na sterilisatie?

Na sterilisatie verandert de hormoonhuishouding van een teef. Deze veranderingen kunnen bijdragen aan een verminderde werking van de sluitspier van de plasbuis, waardoor urine ongewild weglekt. Vooral middelgrote en grote teven hebben hier een verhoogd risico op. Incontinentie kan kort na de sterilisatie ontstaan, maar ook pas maanden of jaren later.

Welke medicijnen helpen tegen incontinentie bij honden?

Bij incontinentie door een verminderde sluitspierfunctie kan de dierenarts medicijnen voorschrijven, zoals Propalin, Enurace of Incurin. Propalin en Enurace helpen de sluitspierdruk te verhogen. Incurin bevat oestriol en wordt gebruikt bij hormoonafhankelijke incontinentie bij gesteriliseerde teven. Welk middel geschikt is, hangt af van de oorzaak van het urineverlies en de gezondheid van de hond.

Kunnen supplementen met fyto-oestrogenen helpen bij incontinentie?

Fyto-oestrogenen zijn plantaardige stoffen die een wisselwerking kunnen aangaan met oestrogeenreceptoren. Ze komen onder andere voor in soja en rode klaver, ingrediënten die aanwezig zijn in Nutrilabs Östrofer. Daarnaast zijn er supplementen voor algemene blaasondersteuning, zoals Sensipharm Inconti Stop Hond. Er is echter onvoldoende wetenschappelijk bewijs dat deze supplementen incontinentie bij honden effectief behandelen. Ze vervangen daarom geen diagnose of behandeling door een dierenarts.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Lees ook onze andere blogs

Meer tips
image (20)

Over de auteur

Mara van Brussel-Broere, Dierenarts bij Medpets 

Afgestudeerd als gezelschapsdierenarts aan de Universiteit Utrecht, gebruikt haar praktijkervaring om klantenadvies te geven en kennis te delen bij Medpets. Ze vindt het belangrijk om huisdiereigenaren goed te informeren over gezondheid en welzijn.

Lees meer over Mara