Service
Winkelwagen
Menu
Profiteer deze week van 15% korting op Trovet Lees meer

Epilepsie bij honden

Geschreven door Mara | Dierenarts |

Epilepsie is een van de meest voorkomende neurologische aandoeningen bij honden. Een epileptische aanval kan voor eigenaren erg schrikken zijn: een hond kan plots omvallen, schokken krijgen of vreemd gedrag vertonen. In deze blog leggen we uit wat epilepsie precies is, welke vormen er bestaan, hoe een aanval verloopt en welke behandelmogelijkheden er zijn.

Australian Shepherd op heide met bal in bek

Wat is epilepsie?

Epilepsie is een aandoening waarbij plotselinge, ongecontroleerde elektrische activiteit in de hersenen ontstaat. Deze ontregeling kan leiden tot verschillende soorten aanvallen, variërend van korte bewustzijnsveranderingen tot hevige spierkrampen en schokken.

Een epileptische aanval ontstaat doordat groepen zenuwcellen in de hersenen tijdelijk overactief worden en ongecontroleerd signalen afgeven.

Relevante Producten

Verschillende vormen van epilepsie

Bij honden onderscheiden we drie hoofdvormen van epilepsie.

Primaire epilepsie (idiopathische epilepsie)

Dit is de meest voorkomende vorm bij honden. Hierbij wordt geen duidelijke oorzaak gevonden. Men gaat ervan uit dat er een erfelijke of genetische aanleg is.

Deze vorm begint meestal bij jonge honden tussen 6 maanden en 6 jaar leeftijd.

Secundaire epilepsie

Bij secundaire epilepsie ontstaat de aanval door een aantoonbare aandoening in de hersenen, bijvoorbeeld:

  • hersentumoren
  • hersenontsteking
  • hersenletsel of trauma
  • aangeboren hersenafwijkingen

In deze gevallen richt de behandeling zich vooral op de onderliggende oorzaak.

Reactieve epilepsie

Bij reactieve epilepsie reageren de hersenen op een probleem buiten de hersenen, zoals:

  • vergiftiging
  • leverproblemen
  • ernstige verstoringen in de bloedsuikerspiegel
  • elektrolytstoornissen

Wanneer de oorzaak wordt behandeld, verdwijnen de aanvallen vaak.

Verschillende soorten epileptische aanvallen

Niet elke aanval ziet er hetzelfde uit. Er worden verschillende typen aanvallen onderscheiden.

Gegeneraliseerde aanvallen

Dit zijn de klassieke epileptische aanvallen waarbij de hele hersenen betrokken zijn.

Symptomen kunnen zijn:

  • omvallen
  • verstijven
  • schokken met de poten
  • speekselen
  • urine of ontlasting laten lopen
  • bewustzijnsverlies

Focale (partiële) aanvallen

Hierbij is slechts een deel van de hersenen betrokken. De symptomen zijn vaak subtieler, zoals:

  • trillen van één poot of spiergroep
  • afwijkende oogbewegingen
  • vreemd gedrag
  • happen in de lucht
  • plotseling angstig of onrustig gedrag

Atypische aanvallen

Sommige aanvallen passen niet duidelijk in bovenstaande categorieën. Honden kunnen dan bijvoorbeeld:

  • plots verstijven
  • omvallen zonder schokken
  • tijdelijk gedesoriënteerd zijn

Hoe verloopt een epileptische aanval?

Een epileptische aanval bestaat meestal uit drie fasen.

Aura (voorfase)

Sommige honden vertonen voorafgaand aan een aanval al afwijkend gedrag, zoals:

  • onrust
  • aandacht zoeken
  • verstoppen
  • hijgen
  • kwijlen

Niet alle honden laten deze fase zien.

Ictus (de aanval zelf)

Dit is het moment waarop de daadwerkelijke aanval plaatsvindt. Deze fase duurt meestal enkele seconden tot enkele minuten.

Post-ictale fase (herstelfase)

Na de aanval kan de hond nog enige tijd afwijkend gedrag vertonen, zoals:

  • desoriëntatie
  • rusteloos rondlopen
  • tijdelijk blind lijken
  • extreme honger of dorst
  • vermoeidheid
  • Deze fase kan minuten tot uren duren.

Hondenrassen waarbij epilepsie vaker voorkomt

Bij sommige rassen komt epilepsie duidelijk vaker voor. Voorbeelden zijn:

  • Labrador Retriever
  • Golden Retriever
  • Border Collie
  • Australian Shepherd
  • Beagle
  • Duitse Herder
  • Berner Sennenhond
  • Keeshond
  • Sheltie
  • Poedel
  • Vizsla
  • Ierse Setter
  • Weimaraner
  • Drentsche Patrijshond
  • Stabijhoun

Voor verschillende rassen bestaan tegenwoordig DNA-testen om erfelijke epilepsie op te sporen.

Hoe wordt epilepsie vastgesteld?

Primaire epilepsie is een diagnose op basis van uitsluiting. Dat betekent dat eerst andere oorzaken moeten worden uitgesloten.

De dierenarts kan onder andere uitvoeren:

  • uitgebreid lichamelijk onderzoek
  • bloedonderzoek
  • urineonderzoek
  • neurologisch onderzoek
  • eventueel een MRI-scan van de hersenen

Pas wanneer andere oorzaken zijn uitgesloten, wordt de diagnose idiopathische epilepsie gesteld.

Wanneer moet epilepsie behandeld worden?

Niet elke hond met epilepsie heeft direct medicatie nodig. Een behandeling wordt meestal gestart wanneer:

  • aanvallen vaker dan 1–2 keer per 6 maanden voorkomen
  • de aanvallen erg heftig zijn
  • de herstelfase lang duurt
  • de frequentie van de aanvallen snel toeneemt

Tegenwoordig starten dierenartsen vaak eerder met behandelen dan vroeger, vooral bij rassen met erfelijke epilepsie waarbij bekend is dat de aandoening kan verergeren.

Direct behandelen is noodzakelijk bij:

  • Clustering: Meerdere aanvallen in korte tijd (minuten tot uren).
  • Status epilepticus: Een aanval die langer dan 10 minuten duurt. Dit is een levensbedreigende situatie en vereist onmiddellijke veterinaire hulp.

Doel van de epilepsie behandeling

De ideale situatie is dat de hond volledig aanvalsvrij wordt. Dit lukt bij ongeveer 60–70% van de honden.

Als dat niet haalbaar is, probeert men:

  • de tijd tussen aanvallen te verlengen
  • de duur van aanvallen te verkorten
  • de ernst van aanvallen te verminderen

Bij sommige honden wordt gestreefd naar minimaal drie maanden tussen aanvallen.

Ondersteuning met voeding en supplementen

Bij primaire epilepsie kan het zinvol zijn om naast medicatie ook voeding en supplementen in te zetten.

Supplementen

Ondersteunende supplementen kunnen zijn:

Ook CBD-olie wordt soms gebruikt. CBD kan serotonine-receptoren in de hersenen beïnvloeden, waardoor zenuwcellen minder snel overactief worden.

Voeding met MCT-vetzuren

Onderzoek laat zien dat MCT-vetzuren (medium chain triglyceriden) mogelijk een positief effect hebben op hersenfunctie en aanvalscontrole.

Speciale voedingen zijn bijvoorbeeld:

Medicatie bij epilepsie

Wanneer aanvallen onvoldoende onder controle blijven, kan medicatie nodig zijn.

Veelgebruikte middelen zijn:

  • Fenobarbital
  • Imepitoïne (Pexion)
  • Kaliumbromide (Epikal)
  • Levetiracetam (Keppra)
  • Epitard (fenytoïne)

Soms worden aanvullende middelen gebruikt zoals:

Het kan voorkomen dat meerdere medicijnen gecombineerd moeten worden om de epilepsie goed onder controle te krijgen.

Medicatie-resistente epilepsie

Bij ongeveer 30% van de honden werkt standaard medicatie onvoldoende. Dit wordt medicatie-resistente epilepsie genoemd.

In deze gevallen kan een combinatie van meerdere medicijnen, aangepaste voeding en supplementen helpen om de aanvallen beter onder controle te krijgen.

Epilepsie bij honden kan een ingrijpende aandoening zijn, maar met de juiste behandeling en begeleiding kunnen veel honden een goed en gelukkig leven leiden. Het is belangrijk om samen met de dierenarts een behandelplan op maat te maken en veranderingen in de aanvallen goed te monitoren.

Twijfelt u over epilepsie bij uw hond of wilt u advies over voeding of supplementen? Neem dan gerust contact op via dierenarts@medpets.nl.

Veel gestelde vragen over epilepsie bij honden

Wat zijn voortekenen van epilepsie?

Sommige honden vertonen vlak voor een aanval afwijkend gedrag (de aura-fase). Ze kunnen onrustig worden, aandacht zoeken, zich verstoppen, hijgen, kwijlen of rusteloos rondlopen.

Kan een hond epilepsie krijgen door ouderdom?

Ja, maar epilepsie die op latere leeftijd ontstaat heeft vaker een onderliggende oorzaak, zoals een hersentumor, ontsteking of stofwisselingsprobleem. Dit wordt secundaire of reactieve epilepsie genoemd.

Is epilepsie bij de hond dodelijk?

Meestal niet. De meeste honden kunnen met behandeling een goed leven leiden. Een status epilepticus (een aanval die langer dan 10 minuten duurt) of meerdere aanvallen kort achter elkaar (cluster) kan wel levensbedreigend zijn.

Welke bijwerkingen heeft medicatie tegen epilepsie bij de hond?

Bijwerkingen verschillen per medicijn, maar kunnen zijn:

  • sloomheid
  • meer drinken en plassen
  • meer eetlust en gewichtstoename
  • wankel lopen of coördinatieproblemen

Vaak verminderen deze bijwerkingen nadat het lichaam aan de medicatie gewend is.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Lees ook onze andere blogs

Meer tips
image (20)

Over de auteur

Mara van Brussel-Broere, Dierenarts bij Medpets 

Afgestudeerd als gezelschapsdierenarts aan de Universiteit Utrecht, gebruikt haar praktijkervaring om klantenadvies te geven en kennis te delen bij Medpets. Ze vindt het belangrijk om huisdiereigenaren goed te informeren over gezondheid en welzijn.

Lees meer over Mara