Service
Winkelwagen
Menu
Ontvang 10% korting op Frontline en Frontpro! Lees meer

Jonge merel gevonden? Dit moet je wel en niet doen!

Geschreven door Astrid | Paraveterinair |

In het voorjaar en de vroege zomer worden er veel jonge merels gevonden in tuinen, parken en op straat. Ze zitten vaak op de grond, kunnen nog niet goed vliegen en lijken soms hulpeloos. Veel mensen denken daarom dat het jong uit het nest is gevallen en hulp nodig heeft. Toch is dat lang niet altijd het geval. In deze blog lees je hoe merels hun jongen grootbrengen, waarom jonge merels vaak op de grond zitten en wanneer je wel of juist niet moet ingrijpen.

Je hebt vast al eens een jonge merel op de grond zien zitten. Dat kan er wat zielig uitzien, maar in veel gevallen is er niets aan de hand. Jonge merels verlaten het nest namelijk al voordat ze echt goed kunnen vliegen. Terwijl ze op de grond of in lage struiken rondhoppen, blijven hun ouders gewoon in de buurt om ze te voeren en te beschermen.

Hoe merels hun jongen grootbrengen

Merels beginnen vaak al vroeg in het voorjaar met broeden, soms al in maart. Het vrouwtje bouwt een nest in struiken, bomen, klimop of andere beschutte plekken. Daarin legt ze meestal 3 tot 5 eieren, die ongeveer twee weken worden bebroed. Wanneer de jongen uitkomen, zijn ze nog kaal en volledig afhankelijk van hun ouders. Zowel het mannetje als het vrouwtje brengt voedsel naar het nest, meestal bestaande uit wormen, insecten, larven en andere kleine ongewervelde dieren die rijk zijn aan eiwitten en belangrijk zijn voor hun groei.

Na ongeveer 12 tot 15 dagen verlaten de jonge merels het nest. Dit betekent echter niet dat ze al goed kunnen vliegen. In deze periode, die ook wel de uitvliegfase wordt genoemd, zitten de jonge vogels vaak op de grond of op lage takken terwijl ze hun vleugels trainen. Ondertussen blijven de ouders ze verzorgen en voeren. Dat gebeurt vaak: merelouders brengen meestal elke 10 tot 20 minuten voedsel, wat kan oplopen tot 100 tot 300 keer per dag. Ook nadat de jongen het nest hebben verlaten, blijven de ouders ze nog ongeveer één tot twee weken voeren terwijl ze leren vliegen en zelfstandig voedsel zoeken. Soms lijkt het alsof een jong alleen is, maar vaak zitten de ouders in de buurt te kijken of zijn ze voedsel aan het zoeken.

Het kan er daardoor soms wat zielig uitzien: een jonge merel die stil op de grond zit, zacht piept of nog wat onhandig rondfladdert. Toch is dit een normaal onderdeel van hun ontwikkeling, waarbij de ouders hun jong goed in de gaten blijven houden.

Wanneer moet je niet ingrijpen?

In de meeste gevallen is het het beste om een jonge merel juist met rust te laten. Dit geldt wanneer:

  • De vogel al veren heeft en er gezond uitziet
  • Hij alert is en reageert op geluid of beweging
  • Hij probeert te springen of te fladderen
  • De ouders nog in de buurt zijn

Jonge merels horen in deze fase vaak op de grond of in lage struiken te zitten. De ouders blijven ze voeren totdat ze zelfstandig kunnen vliegen.

Wat je wél kunt doen, is het jong een beetje beschermen tegen gevaar. Zit het midden op een druk pad of op straat? Dan kun je het voorzichtig een paar meter verplaatsen naar een struik of veilige plek in de buurt.

Wanneer moet je wél ingrijpen?

Soms heeft een jonge merel wel hulp nodig. Bijvoorbeeld wanneer:

  • Het jong nog kaal of bijna kaal is (nestjong)
  • De vogel zichtbaar gewond is
  • Het jong erg zwak is of niet reageert
  • De ouders lange tijd niet terugkomen
  • Het jong door een kat is gepakt

In zulke gevallen kun je het beste contact opnemen met een vogelopvang, de dierenambulance of je dierenarts. Zij weten precies hoe ze jonge vogels veilig kunnen verzorgen.

Het is meestal niet verstandig om zelf een jonge merel groot te brengen. Jonge vogels hebben specifieke voeding en verzorging nodig die moeilijk na te bootsen is.

Hoe kun je een jonge merel tijdelijk helpen?

Als blijkt dat een jonge merel echt hulp nodig heeft, bijvoorbeeld omdat hij gewond is, erg zwak oogt of door een kat is gepakt, kun je hem tijdelijk veilig opvangen totdat hij naar een vogelopvang of dierenarts kan worden gebracht. Zet de vogel in een kleine doos met luchtgaten, bijvoorbeeld een schoenendoos, met een zachte doek of keukenpapier op de bodem. Zet de doos op een rustige, warme en donkere plek, zodat de vogel minder stress ervaart.

Het is meestal beter om niet meteen zelf te gaan voeren, omdat jonge vogels specifieke voeding nodig hebben. Als het toch nodig is voordat hulp beschikbaar is, kun je eventueel een klein beetje nat katten- of hondenvoer, meelwormen of kleine insecten aanbieden. Geef nooit melk, brood of zaden; deze voeding is niet geschikt voor jonge merels en kan juist schadelijk zijn. Zorg daarnaast altijd voor rust en voorkom dat mensen of huisdieren de vogel blijven bekijken.

Neem zo snel mogelijk contact op met een vogelopvang, dierenambulance of wildopvangcentrum. Zij hebben de juiste kennis en middelen om jonge vogels verder te verzorgen en, wanneer dat mogelijk is, weer vrij te laten in de natuur.

Tot slot

Een jonge merel op de grond kan er soms wat hulpeloos uitzien, maar in de meeste gevallen is dat een normaal onderdeel van het opgroeien. De ouders zijn vaak gewoon in de buurt en blijven hun jong verzorgen terwijl het leert vliegen. Door eerst goed te observeren en alleen in te grijpen wanneer dat echt nodig is, geef je jonge merels de grootste kans om gezond op te groeien in de natuur.

Astrid-Klein

Over de auteur

Astrid, paraveterinair bij Medpets

Astrid is paraveterinair en werkt bij Medpets als content specialist, waar ze haar jarenlange praktijkervaring inzet om huisdiereigenaren te voorzien van duidelijke en betrouwbare informatie. Ze is gespecialiseerd in konijnengedrag en denkt graag mee over vernieuwende producten en blogs die aansluiten bij de behoeften van dier en baasje.

Lees meer over Astrid