> Spoelwormen bij hond en kat

Spoelwormen bij hond en kat

Spoelwormen bij hond en kat

Spoelwormen zijn inwendige darmparasieten. Ze komen voor bij zowel de hond (Toxocara canis) als bij de kat (Toxocara cati). Hoewel ze slechts zelden zichtbaar zijn in de ontlasting of het braaksel van een hond of kat, wordt er geschat dat 5 tot 10% van de honden en katten hiermee zijn besmet. Ook mensen kunnen besmet raken met de honden- en kattenspoelworm. Het regelmatig ontwormen van uw huisdieren is dus heel belangrijk! In dit artikel leest u alles over spoelwormen bij hond en kat en hoe deze wormen ook besmettelijk kunnen zijn voor mensen.

Schadelijk

Wormen bij honden en katten komen veel meer voor dan de meeste mensen denken en kunnen schadelijk zijn voor de gezondheid van uw huisdier. Spoelwormen maken een rondreis door het lichaam en kunnen in de organen beschadigen en ontstekingen veroorzaken, zowel bij dieren als bij mensen.

Symptomen

Soms worden volwassen wormen bij pups en kittens aangetroffen in de ontlasting of in braaksel. Dit is echter lang niet altijd het geval! Vaak is er aan de buitenkant niets te zien van een worminfectie. Soms heeft het diertje diarree, een dik buikje door gasophoping in de darm, of een doffe en ruige vacht. Bij volwassen dieren zijn er meestal geen symptomen van een spoelworminfectie.

Levenscyclus

Via de ontlasting van de hond of kat worden eitjes in de omgeving gebracht. Dit kunnen er wel tot 200.000 per worm per dag zijn. In de omgeving begint er een larve te groeien in het ei en worden ze infectieus. Een hond of kat raakt besmet met spoelwormen door de opname van deze eitjes van met honden- of kattenpoep vervuilde grond (bijvoorbeeld zandbakken, parken, speeltuinen en tuinaarde). Nadat de hond of kat het eitje opeet, komt de larve in de darmen van zijn gastheer uit het ei en boort door de darmwand heen de bloedbaan in. Wat er vervolgens gebeurt met de larven is afhankelijk van de leeftijd van de gastheer.

In jonge dieren migreren de larven via het bloed naar de longen. Daar worden ze opgehoest en weer ingeslikt. In de dunne darm ontwikkelen de larven zich tot volwassen wormen en leggen daar eitjes. Deze komen vervolgens met de ontlasting in de omgeving terecht en begint de cyclus opnieuw.

In oudere honden komt het vaker voor dat de larven via het bloed in de organen komen en zichzelf daar inkapselen en in rust gaan. Pas als het dier drachtig is, worden de larven weer actief. Teven kunnen hun puppies al voor de geboorte besmetten via de placenta. Zowel bij honden als bij katten komen de larven in de moedermelk terecht en zo besmetten ze hun nakomelingen. In de dunne darm van de puppies en kittens groeien de larven weer uit tot volwassen wormen.

Honden en katten kunnen ook besmet raken door het eten van een besmette tussengastheer, zoals een klein knaagdier. Knaagdieren nemen de eitjes op vanuit de omgeving en in de darmen komen deze uit. De larven verspreiden zich vervolgens via de bloedbaan door het lichaam en kapselen zich in. Als een hond of kat dit knaagdier opeet, ontwikkelen de ingekapselde larven zich in de darmen van de hond of kat tot volwassen worm.

Besmetting bij de mens

Mensen kunnen besmet raken door het opnemen van spoelwormeitjes uit de omgeving. Besmetting gebeurt bijvoorbeeld tijdens het tuinieren, door het eten van ongewassen groente en fruit uit eigen tuin, maar vooral bij kinderen die spelen in besmette, niet afgedekte, zandbakken. Meestal leidt een besmetting niet tot symptomen, maar doordat de larven vast kunnen lopen in de organen of ogen, kan dit in een aantal gevallen voor problemen zorgen. Voor mensen met aangeboren aanleg voor allergieën (zogenaamde atopie) kan het ook betekenen dat zij sneller of ernstiger allergische aandoeningen ontwikkelen. Dat lijkt in ieder geval zeer waarschijnlijk voor een chronische luchtwegaandoening zoals astma. Het is dus heel belangrijk om besmetting van ons leefmilieu met eitjes van spoelwormen te voorkomen door uw huisdieren regelmatig te ontwormen.

Regelmatig ontwormen

Kies een wormkuur met de juiste werkzame stof in de juiste dosering, bijvoorbeeld een combinatie van Niclosamide en Oxibendazole (Vitaminthe), een combinatie van Milbemycine en Praziquantel (Milbemax) of een combinatie van Pyrantel en Praziquantel (Drontal). Moederhonden en -katten met een nestje likken hun kroost vaak schoon, hierdoor kunnen ze veel wormeitjes binnenkrijgen als de pups of kittens besmet zijn. Daarom is het belangrijk om moeder en pups/kittens telkens gelijktijdig te ontwormen gedurende de eerste weken.

Ontwormschema

Ontworm uw honden en katten regelmatig volgens onderstaand schema:

  • Pups: op een leeftijd van 2, 4, 6 en 8 weken, vervolgens maandelijks tot een half jaar. Daarna geldt de algemene richtlijn om minimaal vier keer per jaar te ontwormen.
  • Kittens: op een leeftijd van 3, 5 en 7 weken, vervolgens maandelijks tot een half jaar. Daarna geldt de algemene richtlijn om minimaal vier keer per jaar te ontwormen.
  • Alle andere honden en katten: 4 x per jaar

Verder is het belangrijke de volgende richtlijnen te volgen:

  • Ontworm tijdens de zoogperiode niet alleen de pups en kittens, maar ook de moeder
  • Ontworm bij voorkeur twee weken voor een vaccinatie; een ontwormd dier bouwt een betere afweer op
  • Ontworm al uw huisdieren tegelijk om herbesmetting van het ene op het andere dier te voorkomen
  • Om herbesmetting met lintwormen te voorkomen is het verstandig om uw huisdieren tegelijk met het ontwormen ook te behandelen tegen vlooien
  • Daarnaast is een goede hygiëne in en om huis een belangrijke maatregel ter voorkoming van een wormbesmetting. Was de mand en andere ligplaatsen regelmatig, verwijder ontlasting uit de tuin, etc.

Overige maatregelen

Daarnaast kunt u eenvoudige maatregelen nemen zoals het dragen van handschoenen bij het tuinieren, verpotten van planten en het verschonen van de kattenbak. Was uw handen na het aaien van de kat of de hond, was groenten en fruit voor consumptie en ruim hondenpoep op!

Deel dit artikel

Medpets maakt gebruik van cookies.   -   sluit